
| Atlantis 1 |
| Gepost
door : Bergáppel
Op: 08/09/2006 10:05 |
|
Atlantis volgens het boek van W.Scott-Elliott Legenden over Atlantis en Lemurië Over het allereerste onderras van ons Arische ras dat in voorhistorische tijden India bevolkte en vandaaruit Egypte koloniseerde , is ons bijna niets bekend. Hetzelfde kan worden betoogd over de Chaldeeuwse, Babylonische en Assyrische volken die samen het tweede onderras vormden , want van de fragmentarische kennis die nu is ontleend aan de recent ontcijfering van Egyptische hiëroglyfen of het spijkerschrift in Babylonische stenen tabletten kan moeilijk worden gezegd dat zij geschiedkundig is. De Feniciërs ,het eerste volk op het oostelijk halfrond, maakte waarschijnlijk als eerste volk gebruik van een fonetrisch alfabet, met letters die slechts als symbole voor vocalen werden beschouwd. He is een merkwaardig feit dat we in een al even vroege perioden een fonetisch alfabet aantreffen onder de Maya's van Yucatán in Midden-Amerika, wier overlev ering de oorsprong van hun beschaving lokaliseert in een land in het Oosten, aan de andere kant van de zee. Le Plongeon, de grote autoriteit op dit onderwerp, schrijft: 1/3de deel van deze taal , van de maya's is zuiver Grieks. Het Grieks , een Indo-Europese taal, is voortgekomen uit het Sanskriet. Is de taal der Maya's dat eveneens, of zijn beide talen even oud? Nog verrassender is dat dertien leters van het Maya -alfabet duidelijk verwant zijn met hiëroglyfen voor dezelfde leters. Is het misschien zo dat de oudste vorm van het alfabet hiëroglyfisch was , het geschrift van de goden, zoals de Egyptenaren het noemden, en dat het zich later in Atlantis heeft ontwikkeld tot een fonetisch schrift? De veronderstelling ligt voor de hand dat Egypte een vroege kolonie was van Atlantis en dat de kolonisten het primitieve schrift hebben meegebracht , zodat dit zijn sporen op beide halfronden kon achterlaten, de Feniciërs , een zeevarend volk, kunnen de latere vorm van het alfabet hebben overgenomen tijdens hun handelsreizen naar de volken in het Westen. Er zijn veel overéénkomsten tussen de Hebreeuwse taal en woorden met exact dezelfde betekenis in de taal van de aan de Maya's verwante Chiapenecs , een van de oudste talen in Midden-Amerika. De Popul Vuh, een oud boek van Maya en Quiché-indianen in Guatemala, zegt in een pasage dat zwarte en blanke mensen gezamelijk en in grote vrede samenleefden in dit gelukkige land en één taal spraken. De Popul Vuh verhaalt dan hoe dit volk uit het land van zijn voorouders migreerde, hoe hun taal veranderde en hoe sommigen naar het Oosten trokken, terwijl anderen juist nar het Westen reisden(Midden-Amerika). Verrassend is dat rituelen en talen over de hele wereld op elkaar leken. Ieder volk kende wel het kruis of de slang en de verering voor de zonneschijf en het woord God, wat in het sanskriet, Dyaus of Dyauspitar, voor de Grieken Theos en Zeus, de Latijnen Deus en Jupiter, de Keltische termen, Dia en Ta(uitspraak Thya), wat een affiniteit heeft met het Egyptische Tau), de Hebreeuwse term Jah of Yah en tot slot de Mexicaanse Teo en Zeo hadden.Verder kent men overal ter wereld de archaïsche Zondvloed legenden. Het troano-manuscript is een verhaal dat naar schatting 3500 jaar geleden onder de Maya's van Yucatán op schrift werd gesteld. Het volgende citaat is de daarin opgenomen beschrijving van een catgaclysme waarbij het eiland Poseidonis onder de golven verdween: In het jaar 6 Kan, op de 11de Muluc van de maand Zac, deden er zich vreselijke aardbevingen voor die zonder onderbreking voortduurden tot aan de 13de Chuen. het land van de lemen heuvels , het land Mu, ging ten onder: Nadat het twee keer door een aardbeving was opgeschud, verdween het in de loop van de nacht, terwijl het bassin voortdurend werd opgeschud door vulkanische krachten. Omdat deze aardbevingen van plaatselijke aard waren , waren ze er de oorzaak van dat het land verscheidene keren en op verchillende plaatsen rees en daalde. Ten slote bezweek het oppervlak en werden tien landen van elkaar gescheurd en verspreid. Niet in staat weerstand te bieden aan de kracht van de schokken gingen zij in zee ten onder, met hun 64.000.000 bewoners, 8060 jaar voor het schrijven van dit boek.
|
| | Terug naar Topics overzicht | | Plaats een reactie| |
| |
| Gepost door:
Bergáppel Op: 08/09/2006 10:11 |
|
| http://users.cihost.com/ata/atlantis.htm |
|
| Gepost door:
Bergáppel Op: 08/09/2006 10:20 |
|
| http://www.crystalinks.com/ancient.html | |
| Gepost door:
Bergáppel Op: 08/09/2006 10:22 |
|
| http://www.sacred-texts.com/atl/soa/soamap.htm | |
| Gepost door:
Bergáppel Op: 08/09/2006 10:34 |
|
| Gepost door:
Bergáppel Op: 08/09/2006 11:39 |
|
| Nu in het kort iets over de 7 onderrassen. Dit zijn de 7 onder rassen: 1.Rmoahal 2.Tlavatli 3.Tolketen 4.Eerste Turaniërs 5.Oorspronkelijke Semieten 6. Akkadiërs 7.Mongoliërs Ongeveer 5 miljoen jaar geleden ten tijde van Lemurië, direct ten oosten van de Ivoorkust , en waar nu Ashanti ligt, lag de Rmaoahal. Het was er warm en vochtig met immense antediluviaanse dieren in moetrassen en regenwouden. De Rmoahal waren een donker mensenras, met een huidkleur die zou kunnen worden omschreven als mahoniekleurig zot zwart. Zij waren in de vroege periode tussen de drie en de drie en een half meter lang, een waar geslacht van reuzen, maar in de loop der eeuwen zijn zij geleidelijk kleiner geworden , zoals het geval is geweest met alle rassen en later zullen wij zien dat zij blijken te zijn gekrompen tot de statuur van de Furfooz mens, waarvan resten zijn gevonden bij het Belgische Dinant (Neolithicum). Uiteindelijk migreerde zij naar de zuidelijke kust van Atlantis, waar zij vrijwel voortdurend in oorlog waren met respectievelijk het zesde en zevende onderras van de Lemuriërs die destijds dat gebied bewoonden. Later trok een groot deel van de stam naar noordelijker streken, terwijl de rest bleef en assimileerde met de zwarte inheemse bevolking van Lemurische oorsprong. Het gevilg was dat er in het tijdvak waarover onze huidige bespreking gaat in het zuiden geen volbloedige Rmoashal meer over waren. Deze zwarte stammen trokken naar het noorden tot IJsland.Geleidelijk werd hun huidskleur lichter. Als slaven stonden zij later onder de Tolteekse veroveraars en nog later onder de Semitische koningen. |
|
| Gepost door:
Bergáppel Op: 08/09/2006 11:44 |
|
| De Tlavatli , het tweede onderras, was een eiland voor de westkust van Atlantis. Vanuit die locatie verbreidden zij zich over Atlantis zelf , voornamelijk over het middelste deel van het continent, hoewel zij geleidelijk ook naar het noorden trokken, mat name het kust gedeelte tegenover de zuidelijke punt van Groenland. Lichamelijk waren zij sterk en gehard ras met een roodbuine huidkleur, maar lang niet zo groot als de Rmoahal, die zij steeds meer naar het noorden dreven. Zij waren van begin af aan een volk dat een voorkeur had voor berglandschappen , en hun voornaamste nederzettingen bevonden zich dan ook in de bergachtige regionen in het binnenland. Zij bevolkte ook de noordelijke kusten. Een mengeling van Tlavatli en Tolkteken bewoonde de eilanden ten westen van Atlantis , die later deel gingen uitmaken van het Amerikaanse continent. |
|
| | Terug naar Topics overzicht | | Plaats een reactie| |